De oneindige glimlach

Door: Luuk de Vocht

Het protestantisme kent in Den Bosch maar een kleine gemeenschap. Het Brabantse katholicisme is overduidelijk in de meerderheid. Met zijn imponerende Sint-Janskathedraal in het hart van de stad. Toch houdt de protestantengemeenschap haar rug recht.

Er hangt een kunstcollectie in de kerk; abstracte kunst van papier. Af en toe struint er iemand binnen om de collectie te bekijken, maar vaak staat deze persoon binnen vijf minuten met beide benen weer buiten. Op een oude krakkemikkige stoel staat een cd-speler. Hieruit worden kerkelijke liederen geperst die door de kerk heen galmen. Aan een schooltafel voorin in de kerk zitten drie personen, waaronder de predikant. Hij kijkt verwelkomend naar alle binnenkomende gasten; en misschien net zo verwelkomend naar de mensen die weer gaan.

Een van de drie personen, een dame, pakt er een boek bij en laat de verschillende leeftijdsgroepen zien binnen de gemeenschap. Ik vraag haar of zij zich geen zorgen maakt over een tekort aan jongeren binnen de kerkgemeenschap. Ze slaat de bladzijdes om en laat mij een pagina zien waarop een groep jongeren te zien is. “Er zijn zeker nog activiteiten voor jongeren hier”, zegt ze. Ze zal het niet per se ontkennen dat er te weinig jongeren zijn binnen de kerkgemeenschap, maar erkennen zal ze het zeker niet doen.

De derde persoon aan tafel, een man, geeft aan dat de kerk ‘niet meer is zoals het was’. “Vroeger was de kerk een gesloten gemeenschap. Nu ligt dat anders. We moeten en willen ons openstellen voor mensen die hulp nodig hebben, zoals vluchtelingen of daklozen.” Er sluipt een jong stel de kerk binnen. De man staat direct op en loopt met zijn handen opgevouwen achter zijn rug naar het stel toe. Hij verwelkom hen en geeft ze een geplastificeerde kaart waar wat uitleg opstaat over de expositie. Het jonge stel gaat in een bijna hardlooptempo de kunstwerken af en staat binnen mum van tijd weer buiten. “Dank u wel”, wordt er nog gezegd in de tijd dat de schuifdeuren open gaan.

Met nog steeds dezelfde glimlach en dezelfde verwelkomende oogopslag overziet de predikant de kerk, ondanks het feit dat de predikant, de dame en de heer, als enige de stoelen warm houden voor de mensen waarop zij wachten.