Leegstaan in Nijmegen

Het heeft alles weg van een post-apocalyptisch gebouw. Gebroken ramen, gips dat van de muren afvalt, vergrijsde kleuren en houten planken die men moet weerhouden van binnentreden. Op basis van een foto alleen zou je zeker niet zeggen dat dit gebouw in het centrum van een bloeiende stad staat. Het gaat om het oude Intersport gebouw bij Plein 44. De ruïne werd in 2014, door de Nijmegenaren, zelfs verkozen tot lelijkste gebouw van Nijmegen. Het is door zijn uiterlijk het boegbeeld van alle leegstaande panden in het centrum van Nijmegen. 

De Leegstand

Het oude intersport gebouw is namelijk niet het enige pand dat leegstaat. Verspreidt over het centrum staat een aantal panden leeg. Eén daarvan is totaal geen verassing; vroeger het onderkomen van een bekend Nederlands warenhuis, de V&D. Met de figuurlijke pijn en moeite heeft het inmiddels een nieuwe bestemming, of eigenlijk bestemmingen. Waar veel steden er een Hudson Bay voor in de plaats kregen is het in Nijmegen net even anders gegaan. Eerst trok het luxe warenhuis ‘Top Shelf’ in een deel van het gebouw. In het overige deel kwam Costes en the New Yorker. Echter lukte Top Shelf het niet om de formule ook in Nijmegen tot een succes te brengen. Ze vertrokken, en na een korte tijd van onzekerheid en Hudson Bay geruchten, kwam er een Kerst pop-up store in. Inmiddels is bekend dat in het voorjaar Oosterbaan Living, een meubelzaak, het pand gaat bezetten.

De meeste leegstaande winkels bevinden zich in winkelcentrum de Molenpoort. Verspreidt over het overdekte winkelcollectief staan er vijf ‘ruimtes’ leeg. Van sommige zijn de ramen afgeplakt met verhullende reclame. De reclame moet ervoor zorgen dat de leegstand minder bij de bezoeker opvalt, of op z’n minst de impact op de sfeer absorbeert. Volgens de huismeester van het winkelcentrum heeft de economische groei van het afgelopen jaar weinig positieve impact gehad op de leegstand. “Het is een beetje stabiel gebleven, soms komt er een nieuwe winkel in een leeg pand, maar gaat een ander weer failliet. Er is overigens wel meer belangstelling dan tijdens de crisis, maar dat heeft tot nog niks concreets geleid.”

De cijfers

De Intersport is overigens – en daarmee is het een uitzondering op de regel – niet door negatieve economische ontwikkelingen uit zijn oude pand vertrokken. Het bedrijf heeft zich vijftig meter verderop gevestigd in de relatief nieuwe woontoren aan het Plein 44, waarvan de kelder en begane grond gereserveerd zijn voor de retail. Inmiddels heeft de gemeente een nieuwe bestemming gevonden voor de ruïne; er komen hoogstwaarschijnlijk kleine appartementen voor studenten en starters. Dit terwijl veel buurtbewoners er graag een parkeerplaats hadden zien komen.

In de Molenpoort is de winkelleegstand stabiel, maar Nijmegen is z’n algemeen doet het heel goed. Afgelopen oktober kwam Detailhandel Nederland met positieve cijfers. In een half jaar was het aantal ongebruikte vierkante meters met een retail bestemmingsplan gehalveerd. De leegstand was van 18,4% met 11,1 procentpunten gedaald naar 7,3%. Destijds was het vertrek van Top Shelf nog niet meegerekend, maar daar komt in het voorjaar dus Oosterbaan Living voor in de plaats. Nijmegen doet het ook een stuk beter dan Apeldoorn, Ede en de grote rivaal Arnhem. In juli 2016 kende Nijmegen nog de grootste leegstand. Inmiddels is dat helemaal omgeslagen en heeft Nijmegen het kleinste aantal ongebruikte vierkante meters. In Arnhem en Apeldoorn is de leegstand zelf gegroeid.

Modern winkelen

De positieve ontwikkeling komt niet alleen door een economische hoogconjunctuur. Een belangrijk onderdeel is dat de algemene houding van de consument tegenover fysiek winkelen is veranderd. “Men is het gaan zien als een uitstapje”, valt te lezen in een van de vele rapporten van de Rabobank over dit onderwerp. De verandering van de attitude is een gevolg van online winkelen, winkels kunnen niet opboksen tegen de lage prijzen die een webshop kan bieden en dus moet de detailhandel zich op andere punten zien te onderscheiden. Dit advies is gehoord door veel Nijmeegse zaken en het verschil met tien jaar geleden is te merken. In steeds meer winkels krijg je een kopje koffie of thee aangeboden bij binnenkomst. Bij grotere winkels, zoals de Intratuin en de Hema, is er zelfs een klein restaurant ingericht. Ook richten winkels zich meer op de service en het voorlichten van de klant. Hiermee wordt ingespeeld op het zwakke punt van online winkelen.

Het opnieuw uitvinden van fysiek winkelen moet voorkomen dat er in de toekomst meer Intersport achtigen gebouwen de straten van Nijmegen ontsieren. Bovendien kunnen we nog een paar jaar genieten van economische groei, hoe minimaal die ook zal zijn.

 

Door: Dirk Arts