Strak in pak

Vanuit het cultureel centrum ‘Jan van Besouw” loop ik de winkelstraat ‘De Hovel’ op. Het is twaalf graden, de zon schijnt en de vogels fluiten. De mensen die door de winkelstraat wandelen, ogen vrolijk en knikken elkaar gedag. Vandaag loop ik rond met de vraag: “Oogt de politiek niet te zakelijk?”. Wanneer ik iets verder De Hovel oploop, zie ik vlakbij een grote plantenbank een wat oudere meneer op een bankje in de zon zitten. Hij zit duidelijk te genieten van het weer.

In Goirle kent men veel verschillende soorten politici. Sommigen lopen altijd strak in pak, anderen lopen in dagelijkse kleding rond zoals een spijkerbroek en een T- shirt. Het aantal raadsleden dat consequent in pak rondloopt, valt in Goirle overigens erg mee. Tegenwoordig ziet men steeds minder stropdassen verschijnen.  Toch vinden raadsleden het wel belangrijk om er netjes uit te zien tijdens hun werk. Onder andere uit respect voor de mensen die voor hen hebben gekozen. Ook de generatie speelt hierin een rol. De gemiddelde leeftijd in de raad ligt bijvoorbeeld boven de vijftig. Zo hechten oudere mensen bovendien net iets meer waarde aan uiterlijk en uitstraling.

”Je kunt moeilijk in een trainingspak aankomen.”

Wanneer ik op de meneer, die op het bankje zit, afstap, lacht hij vriendelijk. Ik lach terug, maak een praatje met hem en vraag wat hij van het zakelijke uiterlijk van de politiek vindt. Hij haalt zijn schouders op. “Ik denk dat dat uiterlijk erbij hoort. Je kunt moeilijk in een trainingspak aankomen”, mompelt hij en hij gaat met zijn armen over elkaar zitten.  “Ik denk dat dat te maken heeft met vroeger. Toen kreeg men meer respect en liet je als politici zien dat je boven de ‘normale’ mensen stond. Dat speelt nu ook nog wel, denk ik. Zonder die pakken, krijgt men minder respect.” Ik geef de meneer een knikje, bedankt hem en wil dan verder lopen. Achter mij staat een oma met donker haar, dat in een warrig knotje is gedraaid. Ze duwt een kinderwagen, met haar kleindochter erin, vooruit. Ze heeft het gesprek opgevangen en vertelt dat er in Goirle ook een paar politici in ‘normale’ kleding rondlopen. “Dat mogen ze van mij ook helemaal zelf weten. Het heeft voor mij geen invloed op wie ik ga stemmen. Het ligt meer aan hoe de mensen zijn en aan de soort mensen, sommige zijn chiquer dan de ander.” Het kleine meisje, met blond haar tot op haar schouders, worstelt zich uit de kinderwagen en loopt richting de Albert Heijn. Ik zwaai naar haar, zeg haar oma gedag en loop dan verder.

In Goirle zou de politiek haar uiterlijk niet moeten veranderen, zo zegt ook de griffier van de gemeente, Berry van ’t Westeinde. Het gaat vooral om de eigenschappen die een politicus heeft. Vriendelijk, open en luisterend zijn hier belangrijke voorbeelden van. Het is voor raadsleden wel goed om zich bewust te zijn dat kleding ook gevolgen zou kunnen hebben op de manier hoe mensen naar een politicus kijkt.

“Als een politicus in zijn ‘normale’ kleding op het gemeentehuis loopt, zou ik er niet, niet op gaan stemmen.”

Ik loop langs de Albert Heijn terug De Hovel op. Een man met zwart krullend haar stopt zijn laatste boodschap in zijn tas, staat even stil en zet zijn zoontje op zijn nek. Ik loop hem tegemoet en vraag hem snel of het uiterlijk van een politicus invloed heeft op zijn stemkeuze. De man zet zijn zware boodschappentas neer en herhaalt mijn vraag op een twijfelachtige toon. “Nee, ik let daar niet op. Je hebt zo’n man van de Arbeiderspartij, die eigenlijk altijd met een rode trui rondloopt. En dat vind ik wel tof dat dat ook gewoon kan en dat hij dat doet”, vertelt hij enthousiast. “Als een politicus in zijn ‘normale’ kleding op het gemeentehuis loopt, zou ik er niet, niet op gaan stemmen. Aan de andere kant is het wel de manier om  jezelf te presenteren. Je staat er dan anders bij dan de norm van je verwacht en daar kunnen mensen wel een mening over hebben.” Dan houdt de man het knietje van zijn zoontje met zijn rechterhand vast. Hij bukt met een rechte rug door zijn benen, pakt met zijn linkerhand de zware boodschappentas weer op en loopt langs de stoep de Tilburgse weg op. Ik loop De Hovel af en steek de straat over, terug naar het Jan van Besouw.

Winkelstraat ‘De Hovel’

De gemeenteraad wil in de toekomst meer in gesprek gaan met de burger. Die gesprekken wil men niet op een formele manier doen, maar juist op een gezelligere manier. Zo krijgen de burgers meer de gelegenheid om zijn of haar mening uit te spreken. Tegenwoordig merkt men dat dit nog te weinig gebeurt. De houding van de politiek wordt dus in ieder geval wél informeler. Het uiterlijk, dat moeten ze lekker zelf weten.